Azië Backpacktrip: Week 7 Maleisië


Woensdag 3 februari vloog ik van Amsterdam via Singapore naar Bali voor mijn twee maanden durende backpacktrip in Zuidoost-Azië. De eerste keer naar Azië en de eerste keer backpacken… de voorbereiding alleen al was een groot avontuur. Na  eerst twee weken Bali vloog ik naar Bangkok voor 2,5 week rondreizen door Thailand. Op 7 maart voegde Mike zich bij mij in Kuala Lumpur om samen door te vliegen naar Australië waar zijn zus en haar vriend momenteel wonen. Na zes dagen bij hen vlogen we weer naar Kuala Lumpur om nog twee weken samen door Maleisië trekken. En dat allemaal in acht weken.

IMG_1555

Dag 44 – Penang
Eigenlijk wilde ik vandaag gaan ziplinen in het Escape Eco Park dat een half uurtje verderop zit, maar gezien de hoge entreeprijs skippen we dat. We scooteren een klein uurtje langs de kust naar het National Park van Penang, dat gratis toegankelijk is. Er zijn verschillende trails te lopen die op verschillende stranden uitkomen. Wij besluiten naar Turtle Beach te gaan, de -wat uiteindelijk blijkt- moeilijkere trail naar het rustige strand.

Op het informatiebord staat dat de trail anderhalf tot twee uur duurt, maar hij is slechts 2,5 km lang. Dat moet sneller kunnen, denken wij. Al snel blijkt waar die indicatietijd vandaan komt. Deze trail gaat dwars de bergen over, wat betekent dat het steil omhoog lopen is tegen trappen met reuze treden en zanderige paden op. Wandelen vind ik helemaal prima, maar bergop met van die steile trappen? Niet mijn favoriet. Al snel druipt het zweet langs alle kanten over mijn lichaam. We lopen dan wel in de schaduw van de jungle, het is nog steeds een graad of 40. Na iets meer dan een uur arriveren we op Turtle Beach, waar geen turtle maar ook geen mens te bekennen is. Ik plof neer in de schaduw terwijl Mike lekker wat rotsen op klimt. Na een uurtje ontspannen beginnen we trek te krijgen en starten we de terugweg. Die is gelukkig alleen in het begin even steil klimmen maar daarna vooral veel dalen (wat op de heenweg dus precies andersom was), dus lopen we het stuk in drie kwartier. Die indicatietijd was duidelijk een gemiddelde…

IMG_1604

Op de heenweg reden we langs een shopping mall waar ik een bord spotte van de kledingwinkel waar we in Kuala Lumpur goed geslaagd waren. Ik vond er toen een kort spijkerbroekje dat mij precies past; uiterst zeldzaam dus ik wil er nog één. Op de terugweg van het National Park naar George Town stoppen we dus bij de shopping mall. Buiten zien we een heel stel scooters staan, en zetten de onze ertussen. De mall is gigantisch en bizar rustig. Wel lekker koel binnen. Buiten zitten restaurants als Starbucks en TGI Friday’s, lekker Amerikaans dus. Binnen vinden we de winkel in kwestie (Cotton On) al snel, maar het broekje dat ik wil blijkt er niet meer in mijn maat te zijn. Mehh. Het is inmiddels zes uur geweest dus na een rondje door de mall en wat inkopen bij de supermarkt, houden we het voor gezien.

Als we de scooter met grote lach op ons gezicht weer inleveren bij Happy Ken, transformeert hij direct van Happy Ken naar Angry Ken. Er zit een parkeerboete in het vakje. Een boete omdat we niet binnen de witte lijnen stonden, wat hij ons nog ZO verteld had. Oeps. Gelukkig is de boete maar vier euro vijftig, dat kan er nog wel vanaf. Maar Ken is niet blij en blijft maar hoofdschuddend roepen dat ook niemand naar hem luistert. Op onze laatste avond besluiten we naar het bekendste food court van George Town te gaan, Red Garden Food Court. Ook hier weer tientallen stalletjes met eten en de heerlijkste geuren. Overal lees je dat George Town de plek is als je van lekker eten, en dat kunnen we helemaal beamen.

Dag 45 – Penang –> Cameron Highlands
Vandaag verplaatsen we ons naar het binnenland van Maleisië. Het gebied Cameron Highlands was één van de eerste dingen waarover ik las toen ik deze reis aan het plannen was, en ik heb wekenlang een foto ervan als background op mijn telefoon gehad. Het moet er prachtig zijn! Ons hostel verzekert ons dat we met een minivan worden opgehaald en dan vanaf het busstation met een grote bus gaan. Klinkt relaxed. Maar uiteraard gaat het hier nooit zoals ze van tevoren zeggen. We worden inderdaad met een minivan opgehaald, maar stoppen een paar kilometer verderop alweer. We moeten wachten bij het kantoortje van de organisatie op de volgende bus. Maar dit is niet het busstation.. Een uur later komt er een grote touringcar waar we weer hele ruime stoelen in hebben. Prima! Twintig minuten later rijden we wel het busstation op, waar we vervolgens een uur stilstaan. Eenmaal vol en weer op weg stoppen we al snel weer bij het volgende busstation in Ipoh. Ook daar wachten we weer een minuut of twintig en net als we denken dat we dit keer doorrijden naar de Cameron Highlands, rijden we een klein terrein op waar een andere bus staat te wachten. “Change bus” is de boodschap. De mensen uit die bus moeten in de onze, en wij moeten in die van hen. Okaaay joh, als we maar op plaats van bestemming komen! Wat qua afstand slechts een ritje van drie uur is, duurt uiteindelijk bijna zeven uur. In Tanah Rata, het drukste dorpje van de Cameron Highlands zoeken we ons veel te dure en veel te crappy guest house op. Het blijkt een vakantieweek te zijn in Maleisië, dus alle hotels zitten vol en de vrije kamers zijn veel duurder dan normaal. Pech hebben. We eten even snel een burger bij een Aziatische variant van KFC, verbouwen onze kamer een beetje zodat de klamboe boven het bed kan en dan val ik in de diepste slaap sinds maanden.

IMG_1581

Dag 46 – Cameron Highlands

Gezien de Cameron Highlands een uitgestrekt gebied is met verschillende bezienswaardigheden, boeken we een halve dag tour. De theeplantages waar het gebied om bekend staat, zijn namelijk niet in de buurt van Tanah Rata en een taxi is haast net zo duur als een tour. We hebben geluk, want behalve wij gaat er slechts één ander stel met hun zoontje van een jaar 6 dat mee. Onze guide kent het gebied op zijn duimpje en stuurt onze jeep behendig om alle verkeersknelpunten heen. Zo staan we vroeg in de ochtend al op de hoogste top van deze provincie. Er hangt nog wat bergdauw tussen de toppen maar we hebben een prachtig uitzicht.

 

Het stel en hun zoontje zijn een beetje langzaam dus laat de guide Mike en mij lekker zelf vooruit lopen. Hij stuurt ons het Mossy Forest in. Een stuk jungle waar de bomen volledig bedekt zijn met mos. Het eerste stuk loopt makkelijk over een boardwalk, maar daarna is het weer lekker klimmen en klauteren over enorme boomwortels heen. Na deze korte wandeling horen we ineens iemand “Mike? Verkleij?” roepen. Zal je altijd zien dat je ergens op een berg in Maleisie een oud-klasgenoot van de middelbare school tegenkomt. Hoe toevallig. Het blijkt dat Jasper en zijn vriendin ongeveer dezelfde route doen als wij, die gaan we dus nog wel vaker tegenkomen.

Als het stel en hun zoontje eenmaal zijn teruggekeerd uit het Mossy Forest, rijden we een klein stukje met de jeep tot de guide er al snel weer uitspringt. Dit stuk jungle is normaal gesproken afgesloten voor publiek, maar het is zaterdag en dan werken de guards niet, zegt hij. Het is te steil voor het kleine jongetje, dus gaan alleen Mike en ik met de gids mee. Hier zit er nog veel meer mos op de bomen en de grond is een beetje spongy. ’s Avonds en ’s nachts zit het hier vol wildlife, maar nu is er niks te zien.

IMG_1646

Een stuk verderop stoppen we voor een prachtig uitzicht over de theeplantages van de beste theefabrikant van Maleisië: Boh. Wat een fenomenaal gezicht. Glooiende bergen vol theeplantages, zo ver als je kan zien. Onze gids vertelt wat over het plukken van de thee en over de theefabriek, waar we vervolgens ook een kijkje nemen. Als een soort dierentuin kunnen we door de fabriek lopen en kijken naar de mensen die er de thee aan het verwerken zijn. Het is een nogal toeristische attractie en vooral het cafe zit bomvol, lekker aan de thee allemaal.

Na de theeplantage stoppen we nog bij de butterfly farm. In eerste instantie trekt dit me niet zo, maar uiteindelijk is het best wel tof. In een enorme ruimte vliegen de prachtigste vlinders, in formaten zo groot als spreeuwen. In een andere ruimte staan bakken en baden vol reptielen, insecten en spinnen. Hoewel het voor hen waarschijnlijk minder fijn is, ben ik toch blij dat ze achter glas zitten. Die slangen en spinnen zien er doodeng uit. Er zijn ook gigantische sprinkhanen, luie schildpadden, enorm dikke en grote padden, schorpioenen en noem maar op.

Zo hebben we in zes uur tijd een goed en mooi stuk van het gebied gezien en dat is maar goed ook, want morgen gaan we alweer door. Tijdens de lunch en tijdens het avondeten komen we onze Spaanse vrienden van de taxi op Penang weer tegen. Ook zij gaan morgen naar de Taman Negara! Gezelligheid.

IMG_1665

Dag 47 – Cameron Highlands –> Taman Negara
Taman Negara betekent eigenlijk niets meer dan National Park, maar het wordt ook wel gebruikt als de naam van het grootste en oudste regenwoud van Zuidoost-Azië. Het is een paar uur rijden in de minivan vanaf Cameron Highlands, en bij de tussenstop blijkt dat zowel Mike’s oud-klasgenoot als onze Spaanse vrienden Javi en Tanit in de andere minivan zitten. Bij Kuala Tembeling wachten we met zijn allen een paar uur tot de boot komt die ons de jungle in zal brengen.

In een soort longtail boat (maar dan zonder longtail) varen we een kleine drie uur over de bruine rivier, steeds dieper het regenwoud in om uiteindelijk aan te komen in Kuala Talah (?). Dit dorpje zit tegenover de ingang van het National Park, aan de andere kant van de rivier. We vinden een prima tweepersoonskamer met airco (Maleisië heeft momenteel last van een enorm warme El Nino) en balkon. Bij de travel agency zijn ook Javi en Tanit en na wat overleg besluiten we samen de tweedaagse jungle trekking te boeken. Met zijn vieren krijg je namelijk een betere prijs dan met zijn twee. En zo worden we direct elkaars kortingsbuddies.

IMG_1719

 

Dag 48 – Taman Negara
Al vroeg staan we klaar in onze wandeloutfits. De grote backpacks blijven achter in het hotel, in onze kleine rugzakken zit zo min mogelijk maar genoeg voor twee dagen jungle. Van de organisatie krijgen we allemaal drie grote flessen water, een flinterdun matje, een slaapzak en een voorraad eten voor de komende twee dagen. Mike is de allerliefste, want die vindt dat hij een zwaardere tas moet dragen dan ik, dus neemt hij vijf flessen water en ik één… We lopen allereerst over de Canopy Walk, het meest toeristische deel van het park. Deze touwbrug is 450 meter lang en hangt op 35 meter hoogte. Het is al een hele klim om bij de start te komen en dan is onze tocht nog niet eens echt begonnen. Na de Canopy Walk brengt de boot ons naar het startpunt van onze 8 kilometer lange trekking. We krijgen eerst fried rice als lunch, een goede bodem om op te wandelen. Acht kilometer klinkt misschien niet heel ver, maar in jungletermen betekent dat minimaal 4 uur lopen. Je gaat op en neer, berg op, berg af, rivier over en weer omhoog. Constant opletten waar je loopt want er is nauwelijks een pad en de boomwortels laten je gemakkelijk struikelen.

Van tevoren was ik een beetje huiverig voor de lange tocht met zulk zware bepakking maar uiteindelijk valt het reuze mee. Het is wel goed passen en meten hoeveel water je drinkt, want met deze hitte wil je al gauw alles opdrinken. Maar we moeten ook nog overhouden voor morgen. Na vier uur lopen – wat ik overigens op Palladiums doe en Mike op All Stars.. bikkel – komen we aan bij de grot waar we vanavond overnachten. Iedereen is doorweekt van het zweet dus de natte kleren gaan uit en we “douchen” in het riviertje. Staan we dan in ons ondergoed tot ons knieën in het water. Dit is echt back to basics en roeien met de riemen die je hebt. Terug in de grot hebben de jongens hout gezocht en is Amy, onze heel mannelijke en grappige gids al bezig water te koken. De jongen weegt nog geen 50 kilo gok ik, maar liep de hele trail met een gigantische backpack op zijn rug (flierefluitend) waar dus onder andere drie pannen en kilo’s rijst in zaten. De blikjes die we vanmorgen meekregen gaan in een andere pan en de meegebrachte kaarsjes maken van de grote grot een romantische get-away. Of creepy horrorfilmsetting, net hoe je het bekijkt. We eten dus bij kaarslicht en gaan als het donker is nog een uur lopen, op zoek naar dieren en ander gespuis. We zien van alles, met als laatste hoogtepunt een tarantula. En daarna is het “lekker” slapen, op de keiharde grond, in een slaapzakje met je rugzak als kussen en constant allerlei dierengeluiden om je heen.

IMG_1756

Dag 49 – Taman Negara

Gek genoeg heb ik best redelijk geslapen. Wanneer ik vannacht wakker was, maakte ik me constant druk over de dieren die in de grot zaten en konden komen en eventjes droomde ik zelfs dat er slangen voor m’n neus zaten… Maar uiteindelijk won de vermoeidheid het, dus wanneer het langzaam licht begint te worden ben ik best uitgeslapen. Om 7 uur zie ik de vleermuizen terugkomen van hun nachtelijke avonturen, terwijl iedereen nog een beetje probeert te slapen. De gids roostert wat brood boven het vuur en met de meegebrachte jam, hebben we een prima ontbijtje. Bij de rivier wordt weer gewassen, achter de grote bomen worden andere behoeftes gedaan. Het kamp wordt weer opgeruimd en in de rugzakken gestopt, klaar om weer op weg te gaan.

Ook vandaag hebben we weer acht kilometer voor de boeg, maar dit keer opgedeeld in een stuk van vijf en een stuk van drie. Daartussen hebben we een lange pauze bij de rivier waar we lunchen, zwemmen en een kleine siësta houden. Onze groep bestaat overigens maar uit zes man, drie stelletjes: een Zwitsers stel, onze Spaanse vrienden Javi en Tanit en wij. Samen met supergids Amy hebben we een boel lol. Het moet natuurlijk wel leuk blijven, we zijn immers op vakantie. En hoewel de lange trekkings bij sommigen wat zwaar vallen in deze hitte met zo’n zware tas, de gezelligheid maakt het allemaal goed!

IMG_1762

Voor we er erg in hebben zit de acht kilometer er alweer op en zijn we een uur te vroeg terug. De boot is er nog niet. Amy besluit ons mee te nemen naar een dorpje waar de lokale stam woont: de Arang Asli. Dit zijn de enige bewoners van het oerwoud en ze wonen nog super primitief. We krijgen een korte demonstratie van jungle survival en hunting tools waarna het tijd is om weer in de boot te stappen. Hoewel de motor van de boot het in eerste instante lijkt te begeven, krijgt Amy hem na 100 keer proberen eindelijk aan de gang en zit ons jungle avontuur erop.

In de grot sliepen we samen met een andere groep die bestond uit vier jonge Duitsers. Toevallig willen we allemaal, tien man, morgen naar de Perhentian eilanden. Terug in het dorpje fixen we dus met zijn allen een flinke groepskorting op de busreis. Zo’n nacht in een grot met zijn allen zorgt al snel voor een band!

Dag 50 – Taman Negara – Perhentians

Om half 9 staan Javi, Tanit, Mike en ik klaar bij de minivan die ons samen met de vier Duitsers, twee Zwitsers en nog een stel anderen naar de Perhentians gaat brengen. Het wordt een lange reis, want uiteindelijk komen we pas om half vijf aan in Kuala Besut. Vanaf daar pakken we de boot naar Perhentian Kecil, het kleine eiland van de twee Perhentians. Bij Long Beach stappen we uit en lopen wat op en neer langs het strand om de beste accomodatie te vinden. Uiteindelijk vinden we een prima kamer op de klif, met zeezicht en een balkon waar ik nu dit verslag zit te typen. Nog vijf dagen in dit paradijsje…

Dit was de laatste blog die ik schrijf vanuit Azië, het verslag van de laatste week schrijf ik over een week vanaf de bank in Den Haag.

Lees ook mijn eerdere verslagen van deze reis:

Week 1 – Bali
Week 2 – Bali
Week 3 – Thailand
Week 4 – Thailand
Week 5 – Thailand en Australië
Week 6 – Australië en Maleisië

Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *